5 manieren om successierechten te vermijden

bbm_gettyimages-532559048_super.jpg

Bij een overlijden gaat het vermogen van de overledene op zijn erfgenamen over. De fiscus is er echter vaak als de kippen bij om zijn deel op te eisen. De regel luidt: hoe groter het vermogen is, hoe meer successierechten je betaalt. Bovendien bepaalt ook de graad van verwantschap hoeveel rechten je de fiscus verschuldigd bent. Je kan die successierechten echter op verschillende manieren beperken of zelfs vermijden.

Hand- of bankgift

Bij een handgift wordt een bedrag gegeven, bij een bankgift wordt het overgeschreven op de rekening. In beide gevallen geldt de regel van 3 jaar: er zijn geen successierechten verschuldigd als de schenker na de gift nog minstens 3 jaar in leven blijft.

Schenking registreren

Het is perfect mogelijk om een schenking te laten registreren bij de notaris. Zo vermijd je de 3-jaar-regel (zie hoger), maar dan moeten er wel schenkingsrechten betaald worden. Hoeveel die bedragen, hangt af van gewest tot gewest, want dit is een geregionaliseerde materie.

Voor de schenking van roerende goederen geldt in het Vlaamse Gewest een vlak tarief:
- 3% voor schenkingen in rechte lijn, tussen echtgenoten en tussen wettelijk samenwonenden;
- 7% voor schenkingen aan andere personen.
Voor de schenking van onroerende goederen wordt het tarief bepaald door de band tussen de schenker en de begiftigde en door de grootte van de schenking.

In Wallonië daalden de schenkingsrechten op 1 januari 2018.
Voor de schenking van roerende goederen bedragen de registratierechten 3,3 % voor schenkingen in rechte lijn, tussen echtgenoten en wettelijk samenwonenden, en 5,5 % voor alle anderen.  Voor de schenking van onroerende goederen hangt het tarief eveneens af van de band tussen de schenker en de begiftigde en van de grootte van de schenking. In Wallonië is een beperkt tarief van kracht voor de schenking van de familiewoning in rechte lijn, tussen echtgenoten en wettelijk samenwonenden.

In het Brussels hoofdstedelijk gewest werden de schenkingsrechten voor onroerende goederen vanaf 1 januari 2016 verlaagd en vereenvoudigd.  De tarieven gaan nu in rechte lijn van 3 % (tot 150.000 EUR) tot 27 % (boven 450.000 EUR) en voor andere personen van 10 tot 40%.  Voor roerende goederen bedraagt het tarief 3 % voor een schenking in rechte lijn en tussen partners, en 7 % voor een schenking aan een andere persoon.

Schenking met vruchtgebruik of levenslang recht

Ouders kunnen hun kinderen een onroerende goed schenken, waarbij ze zelf het vruchtgebruik behouden. Dan hebben ze een levenslang recht om er te wonen of om de huuropbrengsten op te strijken. Naar analogie hiermee kan dit ook voor roerende goederen, zoals een geldsom. De schenkers hebben dan een levenslang recht op de intresten uit dit kapitaal.

Levensverzekering

Een ander middel om successierechten te vermijden, is een schenkingsverzekering of successieverzekering. De kinderen sluiten die af op jouw hoofd: als je binnen drie jaar na de schenking overlijdt, dan wordt een kapitaal betaald dat overeenstemt met de successie- of schenkingsrechten.

Huwelijkscontract

Als je een huwelijkscontract heeft, benut je misschien nog niet alle mogelijkheden op vlak van successie. Een huwelijkscontract bevat bij veel mensen een clausule ‘langst-leeft-al-heeft’. Bij deze regeling gaat het volledige vermogen bij overlijden over op de partner. Deze vorm van vermogensoverdracht is vooral fiscaal weinig aantrekkelijk. Een interessantere clausule zou voor je het keuzebeding kunnen zijn. Dankzij deze formule bezit de langstlevende veel meer mogelijkheden. Hij kan bijvoorbeeld eigendommen in vruchtgebruik geven. Een andere mogelijkheid is de volledige eigendom of slechts een gedeelte ervan op te eisen.

Het nieuwe huwelijksvermogenrecht van de federale regering heeft tal van wijzigingen gebracht die onder meer als doel hadden de financieel zwakkere partner te beschermen. Aan de successierechten, een regionale materie, heeft dit echter niets veranderd. Het Vlaamse Gewest heeft wel net een hervorming van de erfbelasting goedgekeurd, die ook in werking treedt op 1 september 2018. Lees verder voor meer info hierover: De nieuwe Vlaamse erfbelasting: wat moet u weten?