We maken hierbij een onderscheid tussen verschillende periode:
Vóór de aangifte van de arbeidsongeschiktheid of voor een arbeidsongeschiktheidsduur van zeven dagen of minder
Als je je arbeidsongeschiktheid niet officieel meldt, heb je geen recht op financiële ondersteuning. Ook wanneer je minder dan 8 dagen arbeidsongeschikt bent, heb je geen recht op een uitkering (toepassing van een wachttijd van 7 dagen).
Vanaf de erkenning van de arbeidsongeschiktheid (voor een periode van meer dan zeven dagen)
Je krijgt een forfaitaire dagvergoeding van het ziekenfonds vanaf de eerste dag van je arbeidsongeschiktheid.
Opgelet: je moet je arbeidsongeschiktheid binnen 7 kalenderdagen aangeven.
Voorbeeld: je arbeidsongeschiktheid start op 20 augustus → je aangifte moet uiterlijk op 28 augustus binnen zijn.
Te late aangifte
Doe je je aangifte te laat, dan wordt je uitkering verminderd met 10% per dag vertraging.
Voorbeeld: je arbeidsongeschiktheid start op 20 augustus, maar je geeft dit pas op 2 september aan → van 20 augustus tot en met 2 september verlies je elke dag 10% van je ziekteuitkering.
Ga tijdig naar je arts.
Wacht je langer dan 14 dagen, dan kan je uitkering maar teruggaan tot 14 dagen vóór de datum waarop je arts het getuigschrift ondertekent.
Voorbeeld: je bent arbeidsongeschikt vanaf 20 augustus, maar je gaat pas op 10 september naar de arts. Je uitkering kan dan ten vroegste starten op 27 augustus (14 dagen terug). Omdat je ook te laat aangifte doet, verlies je bovendien 10% per dag van 27 augustus tot en met 10 september.
Hoeveel bedraagt je uitkering?
Dat hangt af van je gezinssituatie (Bron: RIZIV, bedragen geldig vanaf 1 februari 2025*):
- Alleenstaanden: € 63,01 per dag.
- Zelfstandigen met gezinslast: € 79,51 per dag.
- Samenwonenden zonder gezinslast: € 48,32 per dag.
Deze bedragen volgen de gezondheidsindex en stijgen zodra de spilindex wordt overschreden. Dat geldt ook voor alle andere uitkeringen van de overheid die in dit artikel vermeld staan.
Vanaf de vierde maand van je arbeidsongeschiktheid heb je als zelfstandige mogelijk recht op een bijkomende uitkering van €29,39 per dag voor hulp van derden, zolang je arbeidsongeschikt bent en moeilijkheden hebt bij dagelijkse activiteiten (bron: RIZIV, bedragen geldig vanaf 1 februari 2025).
Vanaf het tweede jaar arbeidsongeschiktheid
Wanneer je als zelfstandige langer dan 12 maanden arbeidsongeschikt bent, is er sprake van invaliditeit. Een arts van het RIZIV beslist of je invalide verklaard wordt. Tijdens deze periode ontvang je een forfaitaire invaliditeitsuitkering van je ziekenfonds op dagbasis.
Om recht te hebben op deze arbeidsongeschiktheidsuitkering moet je jouw sociale bijdragen betaald hebben voor de vier trimesters die aan de arbeidsongeschiktheid voorafgaan. Op welke bedragen heb je recht? (bron: RIZIV, bedragen geldig vanaf 1 februari 2025).
- Alleenstaanden: € 63,01 per dag.
- Zelfstandigen met gezinslast: € 79,51 per dag.
- Voor samenwonenden zonder gezinslast hangt het uitkering af van de vraag of je jouw bedrijf stopgezet hebt of niet.
- Zijn de activiteiten stopgezet, dan heb je recht op de volgende uitkering: € 54,02 per dag.
- Zijn de activiteiten niet stopgezet*, dan gelden deze forfaitaire bedragen: € 48,32 per dag
*let wel: Jij moet je persoonlijke activiteiten als zelfstandige of in je bedrijf stopzetten.
Inhaalpremie
Als zelfstandige met arbeidsongeschiktheid kun je elk jaar in mei een inhaalpremie van het ziekenfonds ontvangen — dat gebeurt automatisch, op voorwaarde dat je op 31 december van het vorige jaar minstens één jaar arbeidsongeschikt was en dat je in de maand mei nog steeds arbeidsongeschikt bent . Voor 2025 ligt dat forfaitaire bedrag op € 342,70 (bron: RIZIV)
Arbeidsongeschikt door zwangerschap
Ben je zwanger? Ook dan zal je binnenkort een tijdje niet kunnen werken. Waarop heb je als zelfstandige recht?
- Geboortepremie
- In Vlaanderen heb je recht op een startbedrag van € 1.238,78 (Bron: Groeipakket, bedragen geldig vanaf 1 februari 2025).
- In Brussel en Wallonië krijg je kraamgeld: € 1.367,74 voor je eerste kindje, € 621,70 voor je tweede, derde, … kind (Bron: Famiris en Famiwal, bedragen geldig vanaf 1 februari 2025).
- Moederschapsrust: je hebt recht op twaalf weken moederschapsrust. Beval je van een meerling, dan krijg je een week extra. Je bent niet verplicht om die volledige periode moederschapsrust op te nemen. Je kan je moederschapsrust voltijds of halftijds opnemen. Maar als je een moederschapsuitkering wil ontvangen, moet je wel minstens drie weken moederschapsrust nemen (te beginnen vanaf 7 dagen vóór de vermoedelijke bevallingsdatum).
- Moederschapsuitkering: je hebt recht op een uitkering die je inkomen helpt aanvullen tijdens je moederschapsrust. Die bedraagt € 890,31 per week, gedurende de eerste vier weken. Vanaf de vijfde week is dat € 814,32 (Bron: RIZIV, bedragen geldig vanaf 1 februari 2025). Belangrijk: je moet deze uitkering aanvragen bij je ziekenfonds!
- Vrijstelling van sociale bijdragen: tijdens het kwartaal na de bevalling moet je geen sociale bijdragen betalen. Je sociale bescherming blijft wel intact.
- 105 dienstencheques: je hebt recht op 105 gratis dienstencheques (Bron. RSVZ, 2025).
- Verzekering Gewaarborgd inkomen: een verzekering Gewaarborgd inkomen is sterk aan te raden voor elke zelfstandige. Die voorziet in een uitkering als je een tijd buiten strijd bent. Mogelijk dekt zo’n verzekering ook zwangerschap. Dat hangt af van de voorwaarden die de verzekeraar oplegt.
Ziekte-uitkering na je 66ste
Doorwerken na je wettelijke pensioenleeftijd levert je extra pensioen op. Maar als je na je 66e als zelfstandige arbeidsongeschikt wordt, zijn de mogelijkheden voor een uitkering beperkt: je hebt alleen recht op de eerste zes maanden arbeidsongeschiktheid, en dat ook enkel als je nog geen rustpensioen ontvangt én evenveel sociale bijdragen betaalt als een zelfstandige in hoofdberoep. (bron: RSVZ)