Wat kiest u best: een VAPZ of een IPT?

Een zelfstandige ondernemer die met een vennootschap werkt, kan een VAPZ (Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen) of een IPT (Individuele Pensioentoezegging) onderschrijven om een aanvullend pensioen op te bouwen. Beide oplossingen hebben specifieke voordelen. Maar wat onderschrijft u best?

Wie betaalt de premies?

Een VAPZ wordt betaald met persoonlijke bijdragen. Met andere woorden, als zelfstandige betaalt u dit zelf. Al kunt u de premies van uw VAPZ ook laten betalen door uw vennootschap. Bij een IPT is het wel degelijk altijd de vennootschap die de premies betaalt. Dit betekent dus ook dat een zelfstandige die niet via een vennootschap werkt, geen IPT kan afsluiten. Zelfstandigen zonder vennootschap kunnen wel een POZ (Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen) onderschrijven, en dit vanaf 30 juni 2018.

Aftrekbaar?

Zowel bij een VAPZ als bij een IPT zijn de premies aftrekbaar.

  • Bij een VAPZ betaalt u op die manier niet enkel minder belastingen, maar ook minder sociale bijdragen.
  • Bij een IPT mag de vennootschap de premies aftrekken als beroepskost in de vennootschapsbelasting op voorwaarde dat de 80%-regel nageleefd wordt en dat u een regelmatig, maandelijkse bezoldiging ontvangt.

De grenzen waarbinnen beide producten fiscaal voordeel opleveren verschillen: bij een VAPZ gaat dit om een percentage van uw belastbaar beroepsinkomen, bij een IPT is dat de 80%-regel.

Backservice

In het kader van een IPT kunt u een backservice onderschrijven. Dat is een inhaalbeweging waarmee u eventuele fiscale ruimte uit het verleden goedmaakt met een (eenmalige of recurrente) premie. Bij een VAPZ is zo'n backservice niet mogelijk.

Fiscaliteit op de einddatum

Ook hier is er een verschil.

De uitkering gebeurt op het moment van wettelijke pensionering, maar dit betekent dat de exacte leeftijd kan verschillen per persoon.

  • Bij een VAPZ verloopt de eindbelasting via het stelsel van de fictieve rente.
  • Bij een IPT is er een taxatie van 20% op 60 jaar, 18% op 61 jaar en 16,5% op de leeftijd van 62 tot 64 jaar. Voor uitkeringen vanaf 65 jaar en als je effectief actief blijft tot die leeftijd, geldt de voordelige taxatie van 10% (zoniet is het 16,5%).

Voorschot

Bij beide producten is het mogelijk om een voorschot op te nemen in het kader van een vastgoedproject.

Aanvullende waarborgen

Zowel bij een VAPZ als een IPT kunnen aanvullende waarborgen onderschreven worden, zoals een extra dekking bij overlijden, een invaliditeitsrente of een waarborg Premievrijstelling.  Bij een VAPZ spreken we dan over een sociaal VAPZ.

Conclusie

We raden zelfstandigen aan om zeker een VAPZ te onderschrijven (omwille van het dubbele voordeel), en dit eventueel aan te vullen met een IPT vanuit de vennootschap. Op die manier kunt u een mooi (maar noodzakelijk) aanvullend pensioen opbouwen.